fbpx

De mooiste plekjes van Sevilla

In een andere blog schreef ik al waarom je goed in je eentje naar Sevilla en Granada kunt. Maar wat hebben deze steden verder eigenlijk te bieden? Hoe kun je hier het beste je dagen doorbrengen en optimaal genieten? Het is niet moeilijk, want beide plaatsen zijn Andalusische pareltjes. In deze blog geef ik je tips voor de places to be en leukste culturele activiteiten in Sevilla. En, tip één is alvast: zorg dat je een goede camera meeneemt, want deze citytrip is zeer insta-waardig!

Sevilla is een mooie stad met overblijfselen uit allerlei culturen. Alleen al door rond te lopen door het grote historische centrum kom je veel moois tegen, denk aan gebouwen in een Arabische stijl (Zuid-Spanje werd vroeger bezet door de Moren) maar ook sfeervolle tapasbarretjes en vele parken van groot tot klein. Een bouwwerk dat juist opvalt om zijn moderniteit is Metropol Parasol (ook bekend als ‘Las Setas’, oftewel De Paddenstoel) op het Plaza de la Encarnación. Deze enorme houten constructie is de grootste ter wereld en dan ook niet te missen. Aan het bouwwerk valt op het plein zelf niet zoveel te beleven, maar het leuke is dat je er ook bovenop kunt lopen. Het is absoluut de moeite waard om Las Setas te beklimmen voor zonsondergang: je hebt vanaf hier heel mooi uitzicht over Sevilla tijdens het golden hour!

Houd je meer van historie? Ook dan kun je in Sevilla zeker je hart ophalen. Bezoek de indrukwekkende kathedraal Maria de la Sede, met de beroemde bijbehorende klokkentoren La Giralda. Dit symbool van de stad was oorspronkelijk een Moorse minaret, maar is nu dus deel van het omvangrijke gotische, rooms-katholieke kerkgebouw. Ook binnenin de kathedraal zijn islamitische sporen terug te vinden, namelijk van de twaalfde-eeuwse moskee, wat het een fascinerende kathedraal maakt. Ik moet eerlijk toegeven dat ik de kerk niet binnen ben geweest (je moet wel toegang betalen) en de toren niet heb beklommen, maar beide zijn ook al erg de moeite waard om van buiten te bekijken!

Hoewel je de bovengenoemde bezienswaardigheden niet mag missen tijdens een bezoek aan Sevilla, zijn er voor mij twee highlights die er écht uitspringen: het Alcázar Real de Sevilla en Plaza de España. Zoals gezegd zijn er in Sevilla diverse culturele overblijfselen uit de tijd dat de stad islamitisch was, van ongeveer de 8e tot de 13e eeuw. Het Alcázar Real de Sevilla, oftewel het Koninklijk Paleis van Sevilla is daarvan toch wel het meest indrukwekkende nalatenschap en mag je écht niet missen als je hier bent. Het paleis is een van de beste voorbeelden van de zogeheten ‘Mudéjar’-architectuur. Zo wordt de bouwstijl genoemd die de christenen gebruikten na het heroveren van Spanje en die sterk beïnvloed is Moorse cultuur. De bouw van het huidige Alcázar begon in 1364 door Moorse bouwmeesters, waaraan het paleis de vele sierlijke versieringen te danken heeft. Later is het gebouw verder uitgebreid met gotische en renaissance elementen waardoor het, net als de kathedraal, een geheel is geworden van verschillende stijlen door de tijd heen. Beide gebouwen zijn trouwens UNESCO Werelderfgoed, dat is niet voor niets! En niet te vergeten: een paleis zou een paleis niet zijn als er geen schitterende tuinen bij hoorden, en die zijn ze dan ook bij het Alcázar Real niet vergeten. Als je het complex van binnen hebt bewonderd, kun je je verder vermaken in de paleistuinen eromheen. Daar vind je karakteristieke sinaasappelbomen, lieflijke paviljoenen en fonteintjes, een waar doolhof en er lopen pauwen los rond. Als laatste nog een fun fact: wist je dat delen van ‘Game of Thrones’ in en om het Alcázar zijn gefilmd?

Tot slot mag een bezoek aan het beroemde Plaza de España tijdens je citytrip Sevilla niet ontbreken. Dit grote plein wordt omringd door gebouwen gebouwd in 1929 als het Spaanse paviljoen tijdens de Spaans-Amerikaanse tentoonstelling van 1929. De gebouwen zijn versierd met kleurrijke tegeltjes die de Spaanse provincies afbeelden. Elke provincie is vertegenwoordigd en heeft een eigen ‘zitje’, dat vroeger bedoeld was om plaats te nemen terwijl je een boek las over de respectievelijke provincie. Aan weerszijden van de bankjes zie je nog de vakjes waar de boeken in stonden. Naast deze provincie-beeltenissen is het plein rijkelijk versierd met nog veel meer azulejos, keramische tegeltjes, die het geheel een vrolijk kleurrijke uitstraling geven.

Het plein is dus een plek om heerlijk rond te struinen of lekker op een bankje te gaan zitten en je ogen uit te kijken. Het fijne vind ik bovendien dat het, in tegenstelling tot de meeste andere beroemde pleinen in Europa, géén extreem drukke plek is (het heeft dan ook een groot oppervlak) en je hier ook ’s avonds niet wordt lastiggevallen door irritante verkopers enzo. Het is hier dan zelfs heerlijk rustig, en dat terwijl het zo mooi verlicht wordt! En met een beetje geluk pak je zelfs een spontaan flamenco-optreden mee. Deze dans is namelijk in Andalusië ontstaan en leeft in Sevilla volop. Er zijn natuurlijk talloze barretjes waar je naartoe kunt voor een show, maar zo’n openlucht optreden op deze mooie locatie heeft ook wel wat!

Combineer je bezoek aan Plaza de España met het Parque de María Luisa, dat er direct naast ligt en waar je prima een siësta kunt houden om bij te komen van al het sightseeing. Het park is groot en heel divers, met watertjes, veel vogels, een mini Moors tempeltje, romantische zitplekjes en bloementuinen. Fijn zijn ook de vele schaduwplekjes die Parque de María Luisa biedt, want Sevilla is met stip een van de warmste steden van Europa. Het is dan ook af te raden om hier in de zomer naartoe te gaan. Beter kies je voor het voor- of najaar (juni kan nog net, maar is ook al flink puffen). Ben je een snelle citytripper dan kun je de stad trouwens in 2 á 3 dagen bezichtigen. Alles kan te voet. Als je liever rustig aan doet en overal de tijd voor neemt, is 4 dagen een goede duur voor je trip. Boeken maar!

Leave a reply

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *